Bohemian Rhapsody

Thema: Bohemian Rhapsody, kleurrijke pianomuziek uit Tsjechië

11e Pianodag

cover BohemianR

Wanneer: voorjaar 2009
Gastdocent: Šárka Hanrathová
Docenten: Hetty Floors, Willy Muller, Flor Verhey, Aletta Sebus, Anke van der Vinne, Angelique Petit
Waar: Utrecht, Utrechts centrum voor de Kunsten (UCK), Domplein

Dit project is mede mogelijk gemaakt door het Prins Bernhard Cultuurfonds (Ankie Wiegant-Brinkgreve Fonds), de Gemeente Utrecht, het kfHeinfonds en het Fentener van Vlissingen Fonds.

Themaboek*: A4, 51 blz., geïllustreerd. Hier te bestellen.
– Voorwoord
1. Tsjechië, een introductie
2. Muziek in Tsjechië
3. Componisten
– Bronnen
– Bijlagen

We leggen ons oor te luister in het hart van Europa. Tsjechië is tegenwoordig een populair vakantieland en Praag geldt als één van de meest aantrekkelijke cultuursteden van Europa. Mozart vond er ooit een enthousiaster publiek voor zijn opera Don Giovanni dan in Wenen. Een bekende uitspraak is dat ‘elke Tsjech een muzikant is’ en al sinds de barok spelen Tsjechische musici een belangrijke rol in Europa.
De muziek van Smetana en Dvořák is bekend en geliefd bij een breed publiek. Maar wat weten we eigenlijk van pianomuziek uit Bohemen (het gebied rond Praag) en Moravië (het oostelijk deel van Tsjechië). Wat schreven componisten in het land waar Oost- en West-Europa elkaar ontmoeten?
We hebben een schat aan pianostukken gevonden die u zeker zullen inspireren. Een rijk kleurenpalet: lyrisch, romantisch, virtuoos, dansant, exotisch, speels en geestig modern of meeslepend dramatisch.

 

Componisten

We volgen acht componisten uit de 19e en 20e eeuw, te beginnen bij Bedřich Smetana, die leefde van 1824 tot 1884 (letterlijk: Frits Room). Hij was van oorsprong pianist en was de eerste Tsjechische componist die bewust muziek schreef met nationale kenmerken. Zijn gebruik van dansritmes en volksmelodieën had grote invloed op Antonin Dvořák (1841-1904). Minder bekend is zijn generatiegenoot Zděnek Fibich (1850-1900), die half Boheems, half Weens was, wat goed te horen is in zijn muziek.
Dvořák’s leerling en -later- schoonzoon Josef Suk ontwikkelde een complexe laat-romantische stijl.
Met Leoš Janáček (1854-1925) en Bohuslav Martinů (1890-1959) maken we de overgang mee naar de 20e eeuw. Beiden lieten zich inspireren door de volksmuziek, maar laatbloeier Janáček verpandde zijn hart aan zijn land, waar hij lang voordat de Hongaar Bartók dat deed, onderzoek deed naar Moravische en Slowaakse volksmuziek. Als zoon van een schoenmaker ontwikkelde Martinů zich tot een eigenzinnig componist die wegtrok van zijn land, maar zijn wortels nooit verloochende. Het jaar 2009 is uitgeroepen tot Martinů-jaar.
De veelbelovende Vítězslava Kaprálová (1915-1940) was een leerling en vriendin van Martinů in Parijs; helaas stierf zij jong. Petr Eben (1929-2007) tenslotte is van onze tijd. Hij was, o.a. als directeur van Praags Lente Festival, een belangrijke figuur in het Tsjechië van nu, die zich in zijn composities liet inspireren door Gregoriaanse zang en volksliederen.

 

sarka

Gastdocente Šárka Hanrathová verleende haar medewerking in de voorbereiding. Zij werd in Tsjechië geboren waar ze in de historische stad Olomouc tot muziekpedagoog werd opgeleid. Al vele jaren woont en werkt zij in Utrecht als pianodocente.

* Recensies:
… De hoeveelheid informatie is indrukwekkend. … samengebracht op een zeer verantwoorde en aantrekkelijke wijze.
Christo Lelie, Piano Bulletin, 2009/2
… een verzorgde uitgave met een interessante inleiding waarin land, cultuur en taal worden besproken. … Een nuttig, leesbaar en leerzaam naslagwerkje voor pianisten die deze muziek wel eens spelen of willen gaan spelen.
Bart de Neeve, AKKOORD nr. 28, aug/sept 2009